Afgelopen week maakte ik kennis met een nieuwe vrijwilligster op onze zorglocatie, een Indische vrouw. Decennialang ervaring met dezelfde doelgroep senioren, was ze twee jaar geleden met pensioen gegaan en wilde toch weer een steentje bijdragen. Ik ontmoette een lange vrouw, met een stralende glimlach en dito gezichtsuitdrukking. Een weelderige bos krullen, waarbij mij opviel dat ondanks haar leeftijd, de kleur van haar haren meer zwart dan grijs was. Vanuit de verte leek het net alsof ik terugging in de tijd en mijn zuster binnenstapte.

Later bij de koffie bracht ik het gesprek op Indische roots. ‘Mag ik iets persoonlijks vragen: U ook Indische roots?’. ‘Voor een klein gedeelte’, antwoordde ze. ‘Mijn moeder komt uit een gemengd Indisch – Chinese achtergrond, mijn vader Indisch – Duits. Verder zit er ook Frans en Portugees bloed in de geschiedenis, maar ik ben helemaal Hollands opgevoed. Mijn moeder kookte altijd Hollands voor mij. Ze kon geen boerenkool klaarmaken, dat was altijd te waterig.’

We spraken over onze ouders. ‘Ze hebben nooit iets verteld over daar. Ze wilden er ook niet naar terug. Te veel vervelende herinneringen. Maar ik ben gewoon Hollands, hoor, ik houd me niet zo bezig met die Indische dingen.’

Ik vertelde dat ik veel Indische mensen ken en spreek. En dat er onder de mensen met Indische roots een enorme diversiteit bestaat. Waaronder mensen zoals zij. Die zich daar minimaal aan verwant voelen en wiens interesse ook minimaal is. En toch, soms zelfs op latere leeftijd, kan wel es een vonkje van nieuwsgierigheid ontstaan om daar iets – meer – over te ontdekken, bespreken en onder de aandacht te brengen. Thema’s die dan soms naar voren worden gebracht zijn kwesties zoals je grenzen bewaken, opkomen voor jezelf, loyaliteit en soms de vraag ‘wat is Indisch nu precies?’

Deel dit bericht .....
Scroll naar boven